Nieuwe Rode Lijsten.
Op 5 november 2004 heeft minister Veerman van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit de nieuwe Rode Lijsten voor bedreigde dier- en plantensoorten vastgesteld. Het gaat daarbij om acht volledig nieuwe Rode Lijsten, één volledig herziene lijst (vogels) en negen al bestaande, licht gewijzigde lijsten. Nieuw zijn de lijsten voor de soortgroepen vaatplanten, bijen, kokerjuffers, steenvliegen, haften (insectensoort), land- en zoetwaterweekdieren, platwormen en mossen. Op de Rode Lijsten staan alleen soorten die zich in Nederland voortplanten, dus geen trekvissen (zoals zalm en paling) en overwinterende vogels. Er worden steeds acht categorieën onderscheiden: uitgestorven op wereldschaal, in het wild uitgestorven op wereldschaal, verdwenen uit Nederland, in het wild verdwenen uit Nederland, ernstig bedreigd, bedreigd, kwetsbaar en gevoelig. Rode lijsten geven een overzicht van soorten die in een bepaald gebied verdwenen zijn en soorten die in dat gebied sterk zijn achteruitgegaan of zeldzaam zijn. Het uitbrengen van rode lijsten wordt vereist door de Conventie van Bern. Op wereldschaal bestaan er ook rode lijsten voor bedreigde soorten. Dit zijn de rode lijsten van de World Conservation Union (IUCN). Rode lijsten hebben geen juridische status. Plaatsing op de Rode Lijst betekent daarom niet automatisch dat de soort beschermd is. Daarvoor is opname van de soort in de Flora- en faunawet nodig. De Rode Lijsten helpen daarbij. De minister hoopt dat volgende Rode Lijsten, die per soortgroep eens in de tien jaar verschijnen, kleiner zullen zijn dan de huidige. Het ministerie van LNV werkt daaraan via het natuur- en soortenbeleid, maar verwacht ook van andere overheden en terreinbeherende organisaties dat zij bij beleid en beheer rekening houden met de Rode Lijsten
De nieuwe Rode Lijst voor vogels is flink veranderd. Er zijn elf vogels van de lijst afgegaan, omdat ze niet meer bedreigd zijn, zoals de ijsvogel, de ooievaar en de oeverzwaluw. Daartegenover staan vierentwintig soorten die nieuw zijn op de lijst. Bijvoorbeeld de huismus (gevoelig), de wielewaal (kwetsbaar) en de boomvalk (kwetsbaar). Dat soorten nieuw op de lijst komen is niet altijd slecht nieuws. Er zijn bijvoorbeeld negen soorten op de lijst geplaatst, die nog zeer zeldzaam zijn omdat ze zich pas recent in Nederland hebben gevestigd. Voorbeelden hiervan zijn de brilduiker, de grote en kleine zilverreiger en de slechtvalk. De bestaande lijsten zijn voor zoogdieren, vissen, dagvlinders, reptielen, amfibieën, sprinkhanen/krekels, libellen, korstmossen en paddestoelen. Van de Rode Lijst zoogdieren zijn er vier soorten af: de grote hoefijzerneus, de mopsvleermuis, het edelhert en het wild zwijn. Nieuw op de lijst is de hamster. De otter is verplaatst van de categorie 'verdwenen uit Nederland' naar de categorie 'in het wild verdwenen uit Nederland'. In de Rode Lijst voor vissen zijn voor het eerst zoutwatervissen opgenomen.
Bron: Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit. Website: http://www9.minlnv.nl/
De volledige rode lijsten kunt u bekijken of downloaden op dezelfde site van het Ministerie: http://www9.minlnv.nl/